Ga direct naar hoofdinhoud

Verklaringen en Persberichten

24-04-2026

Een vraag die soms gesteld wordt en wat verwarring kan geven is de volgende:

Nu er revisieverzoeken zijn ingediend bij Hoogeveen zijn de besluiten van de GS toch opgeschort? Dus inclusief het besluit om de verantwoordelijkheid terug te leggen bij de plaatselijke gemeenten? Oftewel, dan vervalt dat besluit toch als grond onder de oproep van Rijnsburg, het tweedaagse Convent en de Algemene Vergadering? 

Volgens sommigen is het stellen van deze vraag hetzelfde als die beantwoorden, en daar wordt dan fijntjes aan toegevoegd dat ‘Rijnsburg’ zich blijkbaar zelf niet aan de kerkorde houdt.
Echter, dit spoort niet met de werkelijkheid. Het omgekeerde is zelfs waar.

De werkelijkheid is dat het kerkverband al bij de sluiting van de synode van 2019-2022 werd getypeerd als ‘een kerkverband in ontbinding’. Waarom? Omdat de kerkelijke orde werd gebroken door afwijkende gemeenten. Het was aan de afgelopen synode van 2024-2025 om daar een weg in te wijzen (samengenomen onder het thema ‘toekomst kerkverband’). Maar de synode moest constateren dat er geen gezamenlijke weg meer is. Het kerkverband is stuk, de kerkelijke weg is stuk. Want besluiten van meerdere vergaderingen worden genegeerd, ook door andere meerdere vergaderingen. De situatie is zo ernstig dat de synode niet meer verder kón vergaderen als de afwijkende kerken niet terug zouden keren. Toen dat niet gebeurde, kon de synode niet anders dan erkennen dat ze haar opdracht naar artikel 30 niet kon uitvoeren en daarom de zaak teruglegde bij de plaatselijke gemeenten. Om die reden is er ook geen roepende kerk aangewezen. Dat is geen ongeluk geweest, maar is weloverwogen en bewust gedaan: de kerkelijke weg is stuk. Deputaten Vertegenwoordiging (1) schreven daar ook over in hun toelichtende brief van juni.

En daarom een formeel en een inhoudelijk antwoord:

Formeel

Een roepende kerk kan alleen aangewezen worden door een generale synode (art.50 KO), niet door een rechter en ook niet door Deputaten Vertegenwoordiging (iets wat ze op voorhand hebben erkend en daarom zijn teruggetreden). Er is in de christelijke gereformeerde kerken geen wettige roepende kerk. En omdat er geen wettige roepende kerk is, kunnen er ook geen revisieverzoeken worden ingediend of behandeld. Om dat wel te kunnen is er eerst herstel van de kerkelijke structuur nodig. Daarvoor is de Algemene Vergadering samengekomen en heeft besloten tot het vormen van classes-in-opbouw.

Inhoudelijk

De kern in dit alles is dat op de laatste synode de pogingen tot herstel van de kerkelijke weg mislukt zijn, en daarna door de afwijkende kerken zijn bezegeld. Artikel 31 dat het recht van revisie en appel regelt, is zelf krachteloos geworden. Daarom is de kerkelijke weg zelf stuk. Revisieverzoeken hebben die kerkelijke weg nodig om behandeld te kunnen worden. 

Een voorbeeld uit het pre-digitale tijdperk kan helpen: als het gemeentehuis een loket heeft voor bezwaarschriften, maar dat is noodgedwongen gesloten omdat de hele afdeling niet meer in staat is om de bezwaarschriften te behandelen. En dan kom je met een bezwaarschrift tegen het sluiten van dat loket... dat dus is gesloten.

Dat is de trieste situatie. De revisieverzoeken zijn inhoudelijk daarom een ontkenning van de ernst van de situatie. En daarom nog een stap verder: Noch uitspraken van de rechter noch ingediende revisieverzoeken bij de komende vergadering van Hoogeveen veranderen iets aan de situatie. Daarin gaat het maar niet om de kerkorde, maar om het Woord en om de tucht, die volgens onze belijdenis kenmerken van de kerk zijn.

Kortom: 

  • Er is geen wettige roepende kerk waar een revisieverzoek ingediend kan worden.
  • De kerkelijke weg – waarin revisieverzoeken behandeld moeten worden – is zelf stuk.
  • De ernst van de situatie wordt door geen revisieverzoek of rechtszaak opgelost.
    Er is dringend herstel van het kerkelijk samenleven nodig om weer op kerkelijke wijze met elkaar om te gaan. Dat betreft niet alleen recht en revisieverzoeken, maar ook de zegen van het samen kerk-zijn: de voortgang van het Woord van Christus, het bewaard blijven bij Zijn Woord en de belijdenis, de uitbreiding van Zijn koninkrijk en het uitzien naar Zijn komst.

21-03-2026

De Algemene Vergadering van de Christelijke Gereformeerde Kerken bijeen in vergadering op 21 maart 2026 te Nunspeet, spreekt uit dat:

  1. zij, opziend naar de Koning der Kerk, Jezus Christus, en in gemeenschap met de kerk van alle tijden en plaatsen, kerk wil blijven op grond van de Heilige Schrift, de daarop gefundeerde gereformeerde belijdenis, de daaruit voortvloeiende kerkorde en synodale besluiten;
  2. met pijn in het hart en met groot verdriet moet vaststellen dat:
    1. een aanzienlijk deel van de CGK-gemeenten hun verantwoordelijkheid voor het kerkverband hebben losgelaten door zich niet aan gezamenlijke besluiten (inzake ‘vrouw en ambt’ en ‘homoseksualiteit en homoseksuele relaties’) te houden die na uitvoerige studie en met een beroep op de Schrift zijn genomen;
    2. daarmee in de praktijk niet alleen het gezag van de kerkelijke vergaderingen maar ten diepste het gezag van Gods Woord in het geding is;
    3. de generale synode van 2024-2025 geen gezamenlijke uitweg heeft kunnen bieden en niet verder kon vergaderen zolang de afwijkende kerken niet in groten getale terug zouden keren;
    4. de generale synode daarop de verantwoordelijkheid naar artikel 30 heeft teruggelegd bij de plaatselijke kerken en om die reden geen roepende kerk heeft aangewezen;
    5. het aanwijzen van een roepende kerk door Deputaten Vertegenwoordiging buiten hun mandaat valt en niet als wettig kan worden gezien;
    6. het voeren van rechtszaken in de huidige situatie oneigenlijk is, maar ook schadelijk voor de kerken en tot oneer van de Naam van Christus;
    7. er na het krachteloos worden en vastlopen van de kerkelijke weg eerst herstel van de kerkelijke structuur nodig is om het gezamenlijke kerkelijke leven van de Christelijke Gereformeerde Kerken weer vorm te geven;
    8. de ingediende revisieverzoeken bij de onwettig roepende kerk van Hoogeveen, die betrekking hebben op de besluitvorming omtrent de sluiting van de synode, niet in mindering komen op het bovenstaande;
  3. de kerken geroepen zijn overeenkomstig het verbindingsformulier van ambtsdragers en de kerkelijke lastbrieven elkaar op die basis die altijd in onze kerken heeft gegolden te hervinden;
  4. de kerken daarom wettig bijeen zijn gekomen in de Algemene Vergadering van de Christelijke Gereformeerde Kerken;

Doet een oproep aan:

  1. De kerken die vertegenwoordigd zijn op de Algemene Vergadering:
    om ook na het bijeenkomen van de Algemene Vergadering zichzelf ambtelijk en persoonlijk te onderzoeken en te verootmoedigen voor Gods aangezicht vanwege het verval van en in de kerken. Laat er niet slechts verdriet zijn over het goede dat verloren gaat, maar over onze eigen zonde en ontrouw jegens God en elkaar. Als de HEERE op onze ongerechtigheden ziet – wie zal bestaan? (Psalm 130:3) Moge er zo ook ootmoedig gebed tot herleving zijn en ootmoedige dankbaarheid dat we nog bij Gods Woord en bij elkaar bewaard zijn in de lijn van onze gereformeerde vaderen.
  2. Kerken die volhardend afwijken van de gezamenlijke besluiten:
    om terug te keren van de ingeslagen weg waarin de kerkelijke besluiten zijn genegeerd, het vertrouwen in de gereformeerde wijze van gezamenlijk kerk-zijn is opgezegd, en een dwaalweg is ingeslagen waarin datgene wat de Schriften ons leren veronachtzaamd wordt. In de weg van bekering kan ook het wonder van herstel van de kerkelijke scheuren afgebeden worden. De Algemene Vergadering roept daarom hartelijk en in liefde op tot terugkeer naar wat de Schriften ons leren, wat door de kerk door de eeuwen heen is nagesproken, en in het ambtelijke ja-woord voor Gods aangezicht is uitgesproken.
  3. De kerken die christelijk-gereformeerd willen blijven:
    Om zoveel mogelijk met de deelnemers, waarnemers en gasten van de Algemene Vergadering te blijven optrekken, op een tempo en wijze waarin oog is voor het proces waarin we ons gezamenlijk en als plaatselijke gemeenten bevinden. De Algemene Vergadering reikt alle Christelijke Gereformeerde Kerken de hand om elkaar zo vast te houden. Dat mag in het bijzonder vorm krijgen op en vanuit de vergaderingen van de classes-in-opbouw.
  4. Zusterkerken in het binnen- en buitenland:
    om geduld te oefenen met de Christelijke Gereformeerde Kerken die zich in een proces van hergroepering bevinden en hen in het gebed te blijven gedenken. We weten ons verbonden in één Heere, op grond van de Heilige Schrift en de gereformeerde belijdenis en zien uit naar de ontmoeting met elkaar in de geordende weg. Tot die tijd zullen vertegenwoordigers van de Algemene Vergadering informeel contact oefenen en bereid zijn tot toelichting van de situatie waarin we ons bevinden.

Spreekt ten aanzien van het voorliggende proces uit dat:

  1. het initiatief van Rijnsburg en de samengekomen Algemene Vergadering geen afscheiding betreft van de Christelijke Gereformeerde Kerken, maar een voortgaan als Christelijke Gereformeerde Kerken;
  2. we daarbij onderkennen de verdrietige werkelijkheid dat (nog) niet alle Christelijke Gereformeerde Kerken deze weg van herstel van het kerkelijke leven willen gaan;
  3. kerken die zich organiseren onder andere initiatieven als gelijkwaardig worden beschouwd, ook als de wettigheid daarvan niet wordt erkend; met hen overleg wordt gezocht over gezamenlijke en wederzijdse verantwoordelijkheden;
  4. alle deputaatschappen (en andere gremia) binnen de Christelijke Gereformeerde Kerken verantwoordelijkheid dragen richting álle gemeenten; zowel richting de gemeenten die bijeenkomen in de Algemene Vergadering alsook als richting andere groepen gemeenten;
  5. de Algemene Vergadering tot het uiterste zal gaan om de vrede binnen de plaatselijke Christelijke Gereformeerde Kerken te bevorderen;
  6. de deelnemende kerken op grond van Gods Woord en met het oog op het getuigenis naar buiten uitspreken dat juridisering en het voeren van rechtszaken tot het uiterste vermeden dienen te worden en dat gelijkwaardig overleg leidend behoort te zijn.